JPL JEUGD
Anderlecht beschermt eigen sportieve belangen ondanks KBVB‑druk

Anderlecht heeft besloten de jonge talenten niet vrij te geven voor het WK U17 in Qatar, dat van 19 november tot 13 december plaatsvindt, waardoor de club de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB) mogelijk voor het hoofd stoot, maar sportief gezien is de keuze logisch.
De beslissing kan de KBVB irriteren, maar vanuit sportief oogpunt is hij volledig te begrijpen.
Zowel de A‑ploeg als de RSCA Futures hebben de jongeren de komende weken hard nodig.
Het toernooi valt buiten een officiële interlandperiode, waardoor Anderlecht niet verplicht is spelers af te staan.
In dezelfde periode staan vijf wedstrijden voor de eerste ploeg op de agenda: drie competitieduels en twee Europese confrontaties.
Jong talent cruciaal voor eerste ploeg en Futures
Winger Jayden Onia‑Seke heeft recent laten zien een serieuze meerwaarde te zijn, onder andere als uitblinker in de 4‑1‑zege op Westerlo.
Zijn snelheid, acties en drang naar doel maken hem gevaarlijker dan Antman of Winkler, en de club heeft op de flanken juist die dreiging nodig.
Voor de Futures is het behoud van Noa Ojea, Noah Kalonji en Joshua Nga Kana essentieel voor een kwaliteitsinjectie.
De beloftenploeg beleeft een bijzonder moeilijke start in de Challenger Pro League, met slechts één punt en stevig op de laatste plaats.
Er is dringend versterking nodig om weer aansluiting te vinden bij de concurrentie.
De komende weken bieden haalbare tegenstanders vóór de winterstop, en het verlies van hun betere jongeren zou sportief bijzonder pijnlijk zijn.
Anderlecht krijgt goede raad: “Hij moet elke match starten”.
De KBVB wil met zijn U17‑selectie naar het WK, maar Anderlecht moet eigen sportieve belangen verdedigen.
Met vijf eerste‑teamwedstrijden en een Futures‑team dat punten hard nodig heeft, is het logisch dat de Brusselaars hun talenten niet zomaar laten vertrekken.